Author Archives: Robert Tetteroo

Unknown's avatar

About Robert Tetteroo

Schrijver, scenarist, Podcastmaker

Olympisch nieuws uit Oman

De enige twee nieuwszenders – afgezien van de talloze Arabische – zijn CNN en BBC World. Gezien het feit dat Amerika en Engeland nog steeds in oorlog zijn ergens in deze regio, geeft aan dat het nieuws vrij saai is en alleen maar over Irak gaat. Gelukkig vindt ik dagelijks in mijn hotelkamer The Oman Daily Observer en dat geeft wat afleiding in het nieuws, vandaar een kort sport overzicht in de krant van vandaag…

Na de voetbalfinale van de Asiacup, waar Japan afgelopen week de Chinese overbuur vermorzelde, kan ook in Oman de balans opgemaakt worden. Ze hebben hier namelijk een feestje te vieren. In het internationaal puntenklassement staat Oman nu op de achtste plaats van Azie en wereldwijd gezien zelfs op de 50e plaats van voetballende naties, een absoluut record. Toch even een land om rekening mee te houden in 2006, ik heb jullie gewaarschuwd…

De Olympische Spelen trekken nu alle aandacht van de Omani’s, die dit bij voorkeur zittend op een poef of kussen volgen. De delegatie van het Sultanaat komt uit in maar liefst twee disciplines; atletiek en schieten. Hamood al Dalhami debuteerd op de 200 meter en de hoop is dat hij de eerste kwalificatie haalt om verder te mogen lopen. ‘Met een persoonlijk record van 20.86 seconden maakt Hamood geen schijn van kans’, zegt de lokale krant niet erg opbeurend. De sultan maakt er wat mooiers van: ‘Het is de atmosfeer en de mogelijkheid om met de beste van de wereld te strijden, en daar zal Hamood van moeten genieten.’

Van scherpschutter Saleem al Nassri wordt verder helaas geen melding gemaakt in de berichten. Niet eens waarmee hij schiet of waarop… Misschien kan hij nog voor een verrassing zorgen In de openingsceremonie bleef de schutter helaas in de Omaanse moesson-mist gehuld: Hamoon, de sprinter, is namelijk door de Sultan persoonlijk aangewezen als vlaggendrager van de delegatie…

Overigens wordt aan Irak in het bijzonder aandacht besteed als Olympisch land. ‘Zonder Uday om ons heen kunnen we eindelijk zonder angst de competitie aangaan,’ zegt een van de atleten in de Oman Observer. Uday, de zoon van Saddam was 20 jaar lang voorzitter van het Iraaks comitee en wierp falende atleten doorgaans in de kerkers of liet ze voor extra morele steun in de martelkamer behandelen. Wellicht interessant om de komende weken juist deze delegatie te volgen, gewoon om te zien welke coachmethode nu uiteindelijk het beste werkt.

Categories: Gadgets

Vrijdag de dertiende…

Vandaag zouden we met de groep wederom op stap gaan, maar ditmaal de andere kant op, richting het westen, naar een stadje genaamd Mirbat. Geen flauw idee wat daar te beleven was, maar het stond in het bijzonder vermeld op de landkaart, en de omgeving is mooi, dus eigenlijk was er geen vast plan.

We vertrokken pas om 14:00 uur, na het vrijdagsgebed, de belangrijkste bidparade van de week. Zo kon iedereen met een fris geweten in de bus. Ik zat net als vorige week aan het stuur – de Egyptische delegatie doet namelijk niets anders de hele week – en merkte op dat het vandaag vrijdag de dertiende was. ‘Het wordt dus oppassen geblazen’, zei ik jolig, terwijl ik een onverwachte draai aan het stuur gaf.

‘Wat do you mean, mister Robert, why is this an unlucky day?’ De Egyptenaren hadden er nooit eerder van gehoord, en dus legde ik het een en ander uit. ‘Sommige bijgelovige mensen in Europa blijven een dag in bed, gewoon voor de zekerheid.’ Er werd geroezemoest achterin de bus en in de spiegel zag ik wat verontruste gezichten. Toen ik in een bocht richting de mistige heuvels reed, kwam het hoge woord eruit. Even later zat ik op de bijrijdersstoel met een kaart in mijn hand…

Dat kwam goed uit, want zo had ik de tijd om mijn collega Shetty in Egypte te bellen. Hij had hier een paar jaar gewerkt en gewoond en had mij verteld dat ergens tussen de stadjes Taqah en Mirbat een vreemd verschijnsel plaatsvond. Er zou ergens een anomalie in de zwaartekracht zijn, waardoor stilstaande auto’s de heuvel oprijden in plaats van eraf. Nu denken jullie, hij is gek geworden, maar ik hou van mysteries en had er op de terminal navraag naar gedaan. Niemand was er geweest, maar velen hadden ervan gehoord.

Shetty gaf een beknopte uitleg via de telefoon en de Egyptenaren begrepen niets van mijn aanwijzingen, maar moeilijke vragen worden nooit gesteld (heerlijk!) en dus reden we ineens een onverharde weg op met een overdreven hoeveelheid borden ‘keer terug’, ‘verboden toegang’ en ‘gevaar!’ Dit moest het wel zijn en de vreemde mistige heuvels om ons heen gaven het een X-file achtig decor. Ik hoorde van de achterbank dat de mobieltjes geen signaal meer hadden, prima!

Echt waar!

We waren niet de enigen… een handvol golftoeristen hadden ook de borden gepasseerd en experimenteerden met hun auto. Het was tijd om de bus op de heuvel te parkeren, de sleutel uit het contact te halen en uit te stappen en kijken wat er gebeurde. Volop paniek, vooral van mijn kant, want de bus met zes verbijsterde collega’s zette het op een gevaarlijke snelheid heuvel opwaarts. Echt ongelooflijk. We probeerden het meerdere malen en iedereen wilde hoogstpersoonlijk een keer achter het stuur, maar wat je ook deed, de bus rolde alleen maar bergopwaarts en nog snel ook.

De Egyptenaren debateerden druk met een groep Omani’s die er ook niets van begrepen. Fata Morgana? Gezichtsbedrog? Nou goed, wie de foto’s niet geloofd, ik heb een 10 seconden filmpje die ik op aanvraag doorstuur aan de ongelovigen. Ook als je de heuvel op en af liep voelde je een vreemd gevoel in je onderbenen ofwel; heuvelopwaarts leek of je er van af liep en andersom ook… Op het vlakke gedeelte net achter de heuvel richting de snelweg, rolden we zonder sleutel in het contact tot wel 40 kilometer per uur.

Verse vis…

Met een enorm vraagteken boven de minibus reden we zwijgend naar Mirbat, waar we een uurtje visten aan de kade en de dag besloten met een diner van de baas in het lokale restaurant. Dit ter ere van de geslaagde kandidaten: allemaal dus, en vanaf morgen rijd iedereen helemaal in het echt op de terminal. En gelukkig zijn er geen heuvels op de terminal en vallen de containers gewoon omlaag als de kraanmeester viert…

Vissersboten in het stadje mirbat

Categories: Gadgets

Misty Mountains

Tja, ik verlies het overzicht van de dagen een beetje. Het normale weekend was in Egypte al verschoven naar vrijdag-zaterdag, maar hier in Oman vieren ze het van donderdag op vrijdag. De training hier is zes dagen per week en vraag me dus wat voor dag het is vandaag. Het belangrijkste was dat we vrij waren. De Omaanse instructeur van de chauffeurs is inmiddels dikke vrienden met de Egyptenaren; elke avond gaan ze vissen en verkopen hun zilte vangst voor goed geld op de markt voor ze ‘s morgens weer naar het werk komen.

Het kon dus niet uitblijven dat Salem – want zo heet hij – onze hele groep uitnodigde voor een toer door de bergen rondom Salalah. Vroeg in de ochtend verlieten we voor het eerst de vaste route van de hotels naar de terminal (ik vertoef in het Hilton, de groep zit een stuk verderop, zo bleek bij aankomst hier…) Al gauw reden we de bergen in en… overviel de mist ons. Ik was al gewaarschuwt voor slecht zicht, maar dit was ernstiger dan verwacht, soms minder dan 25 meter.

De Egyptische collega’s konden niet meer dan met open mond naar buiten staren. Mist is vrijwel onbekend voor hen en dus was deze laaghangende bewolking een vreemde zaak, en rijden was uitesloten, vandaar dat ik zelf aan het stuur zat. Het lijkt een beetje op een Schots landschap; bergen, mist en motregen, maar als je dan ineens een paar kamelen over de weg ziet lopen, dan sta ik ook even paf.

De reis ging slingerend naar de kust, waar een enorme open grot als een muil het opslaande water van de oceaan opslokt. Met enorm geweld stort dat naar beneden en op een of andere manier loopt de druk daaronder zo hoog op, dat er in het midden van het plateau enorme fonteinen water uit de aarde omhoog gespuugd worden. Een bizar fenomeen, vooral omdat de gaten in het rotsplateau een gierend en bedreigend geluid maken waardoor je nauwelijks in de buurt durft te komen.

Mohammed is iets te laat uit de buurt…

Met een nat pak en veel ‘gein en lol’ – want wie niet naar de ‘blowholes’ durfde, zou zich kaal laten scheren (!) – reden we verder naar het noorden en passeerden de laatste heuvels, die zomaar van groen begroeide weiden in een woestijnland schap veranderden. En toen scheen de zon ineens zoals het hoort in een woestijn en steeg de temperatuur met wel 20 graden. Met een droog pak koersten we eindeloos ‘in de een’ een berg op, maakten een haakse bocht en stortten vervolgens in de tweede versnelling met grommende motor een dreigend diep dal in.

Voor de tweede keer sloeg de temperatuur om, moest de airco weer naar warm en verdwenen we in een donkergrijze muur van wolken. Achterin nieste al iemand en een kameel keek plots verbaasd het portierraam in terwijl het mee de berg afholde. Zo slingerden we even over de weg en kwamen in een berm tot stilstand naast een hut met daarin een enorme stapel geblakerde stenen. Daar stond Salem inmiddels een sigaretje te roken en vertelde dat volgens plaatselijk gebruik op de losse keien het vlees gebraden wordt, nadat ze een uurtje in brandend hout gelegen hadden.

de groep compleet…

‘Do you like that?’ vroeg hij. ‘Jahoor’, antwoorde ik geintereseerd, niet beseffend dat ik daarmee ingestemd had met een bedoeinen maaltijd. Zelfs de Egyptenaren keken bedenkelijk toen we een uurtje later de open slagerij van een ‘bekende’ bezochten. Overal hingen stukken schaap en kameel aan haken en takken. Een aantal koppen dreef in een enorme teil, voorbestemd voor een stevige bouillon. Een zure lucht trok mijn trillende neusgaten binnen. Ik probeerde te glimlachen. ‘No pictures’, riep de slager verontrust.

Er ontstond een opgewonden maar gedempte discussie onder de Egyptenaren terwijl Salem een onderdeel van een gevild beest met slierten vet bestudeerde en vroeg of ik het op stenen gebraden wilde, of gekookt terwijl hij naar een teil knikte. Ik had het idee dat het Hilton ineens op een andere planeet stond en schudde van nee (wat ter plaatse overigens ‘ja’ betekent…)

Het liep allemaal goed af. Na een typisch Arabisch onderonsje (roepen, armen in de lucht, boos weglopen, met geheven vinger terugkomen, enzovoort) bleek het eindresultaat een compromis: de Egyptenaren zouden een maaltijd bekostigen maar Salem zou de plaats bepalen, ergens in de open lucht. Met een afhaalchinees op de vrije bank toerden we terug voor een heuse picknick naar de vlakte van de bedoeinen, om uiteindelijk de dag te besluiten met een bezoek aan de plaatselijke barbier.

Categories: Gadgets

Pas op voor de kamelen

Afgelopen weekend landde ik met 5 truckchauffeurs en een RTG machinist in Muskat, de hoofdstad van het Sultanaat van Oman. Dat was op zich al een heel avontuur, want deze mannen waren nog nooit het land uit geweest, en vliegen was ook een nieuwe ervaring. Met strakke bleke gezichten zaten ze in hun stoel, alsof ze bij de tandarts zaten. De handbage bestond uit tassen vol met Egyptische kaas en andere houdbare producten. Het gerucht dat de Omaanse keuken nogal gekruid is, was al overgewaaid en dus riekte het nogal in het vliegtuig…

Oman is een van de golfstaten en ligt het meest zuidelijk, grenst aan Jemen en Saudi Arabie en kijkt uit op de Indische oceaan. Oman klinkt klein, maar de volgende dag vlogen we nog eens 1000 kilometer zuidwaarts met bestemming Salalah. Hier werden we ontvangen door mijn collega die hier al een maand zat met een grotere groep Egyptenaren waaronder superintendents, vessel supervisors lashing controllers. Voor we het wisten zaten we aan de thee…

De regio van Salalah wordt elke zomer door een merkwaardig meteorologisch verschijnsel bezocht. Rondom de stad, in een straal van zo’n 80 kilometer naar alle zijden, ligt een smalle bergketen waar de moesson als het ware in wordt opgevangen. Waar normaal de zon schijnt – het heet niet voor niets de Arabische woestijn – hangt nu drie maanden lang een wolkennevel die het gebied compleet van de zon afsluit.

Elke dag is het mistig en in de avond en nacht motregent het onafgebroken. De temperatuur blijft gelukkig op een aangename 26 graden hangen. De verstrekte reflecterende regenponchos – voor Egyptenaren een hilarisch kledingstuk – werden enthiousiast tevoorschijn gehaalt en uitgeprobeerd; ze staken hun hoofd door de mouw, struikelden over hun enorme koffers die ze meezeulden, of trokken hem achterstevoren aan. Ik liep gewoon door de motregen, want na een maand in de woestijn is dit een welkome afwisseling. Ik ontsnap zelfs aan de heetste maand van Egypte.

In Egypte heb ik nog geen kameel gezien, maar hier lopen ze bij bosjes rond .De weg loopt hier langs de kust en de kamelen wandelen zo nu en dan naar de andere zijde om naar de golven te staren. Wie op een slecht moment zo’n kameel raakt, overleeft het niet, want het beest met zijn hoge poten slaat direct door de vooruit heen. Het schijnt dat je hier veiliger rijdt in een Smart dan een Jeep, omdat het beest dan over het dak rolt. Nou goed, oppassen dus, want wie een kameel aanrijd heeft een groot probleem, want ze hebben voorrang…

Sinds kort is er een nieuwe regel, vertelde de chauffeur, die zoals de meeste Omani’s een hagelwitte soepjurk met tulband draagt: wie een kameel in de nacht aanrijdt, kan dit op de eigenaar verhalen. Gebeurd het overdag, dan kan de eigenaar van de kameel verhaal halen. Je raadt het al. Overdag verdringen de kameeleigenaren zich voor een claim (ook als het een wild exemplaar betreft) en voor een nachtelijk slachtoffer meldt zich niemand.

Nu ik uiteindelijk weer een connectie op het net heb, zal ik spoedig meer vermelden over dit merkwaardige land, waar ik nog 3 weken vertoef…

Categories: Gadgets

The road to Alexandrie (2)

(vandaag een drieluik… deel 1)

Dit weekeinde moest ik er maar eens weg uit Port Said, want tot nu toe was er telkens iets tussengekomen. In de vroege ochtend reed ik met indrukwekkende snelheid richting Alexandrie, over de coastal road. Bij Damietta, de eerste stad na Port Said, reed ik al verkeerd. Wegwijzers zijn namelijk uiterst zeldzaam in Egypte, en als je ze al ziet zijn ze in het Arabisch gesteld. Na een half uurtje was ik op de goede weg, maar de woestijnweg van Damieta naar Rosetta (waar die beroemde steen gevonden werd) zat vol met gaten in het asfalt; het leek wel een mijnenveld.

Reparaties worden maar zelden uitgevoerd na de aanleg van een nieuwe weg, maar dit stuk was wel erg bar en ik maakte er kennis mee nadat ik een wiel bijkans verloor in een ernstig diepe kuil. Alle losse voorwerpen in mijn auto (waaronder een kompas, aangeschaft voor noodgevallen) door de cabine vlogen. Weet je, ik zat net een kopje koffie in te schenken uit mijn onverwoestbare thermoskan en kon maar net de wagen op het asfalt houden. De ruitenwissers hielpen niet, gezien deze aan de buitenzijde van mijn automobiel zitten. Na een korte stop reed ik verder alsof ik een eerste rijles nam: handen op ‘tien voor twee’ aan het stuur en met mijn neus tegen de ruit om een beter zicht op de weg te hebben. De gang was er aardig uit…

De hele weg naar Alexandrie stond trouwens in het geheel niet afgedrukt op de Egyptische wegenkaart die ik bij het VVV in Vlaardingen had gekocht. Ik heb hem er tijdens de stop even zelf ingetekend. De noordkust van Egypte is net zo plat als Holland, alleen zijn er hier geen dijken en dus zie je regelmatig de zee. Aan de andere zijde een grillige woestijn met hier en daar een struik, een plaggenhut of aan de kant van de weg wat gebarende vissers met mandjes vis die ze willen slijten aan voorbijgangers. Ik liet niet meer dan een wolk zand achter op het tweede deel van Damietta op weg naar Lake Bursurrur.

Tegen alle adviezen in was ik toch vertrokken. Alle hotels waren volgeboekt door een miljoen Cairezen die ‘Alex’ – zo noemen Egyptenaren de tweede stad van hun land – in de zomervakantie bezoeken. Het leek me sterk. Van die 1 miljoen toeristen zal er vast wel eentje afzeggen. Aan de Corniche, die zich uiteindelijk als een arm in de zee strekt en waar ooit de Pharos, een van de zeven wereldwonderen, stond, belde ik de nummers van de hotels uit een vier jaar oude reisgids af. Vol, vol, vol, niet bestaand nummer en toen ‘hotel Crillon’ aan de lijn.

‘Gnuhnk, uch kuch?’ althans, zoiets zei de meneer aan de andere kant van de lijn. Het was ook geen Arabisch. ‘Hotel Crillon?,’ vroeg ik hoopvol. ‘Uch, hmmm, yes, why?’ Ik legde uit dat ik een kamer voor 1 nacht zocht. ‘Ik hotel ja, jij welkom.’ Hoorde ik aan de andere kant van de lijn. Het voorspelde niet veel goeds, maar het was de enige optie om niet na een bezoek van een halve middag gelijk weer drie uur terug te rijden.

Hotel Crillon lag in een rommelige zijstraat van de Corniche in het oude centrum van Alexandrie. In het hele blok was de stroom uitgevallen en dus moest ik zes trappen lopen om de lobby te bereiken. Elke verdieping was in duisternis gehuld en er hing een muffe lucht van tot pulp gekookte bonen, een vast onderdeel van het Egyptisch ontbijt. De entree bleek te stammen uit de jaren vijftig en het ooit zo luxe Franse hotel was totaal uitgeleefd en geen schim meer van wat het ooit geweest was.

Vanachter een pikdonkere balie sprak dezelfde verwarde stem mij aan en ik zag alleen een hand die mij een sleutel gaf. ‘Numbre 13…’ Ik kreeg er kippenvel van. De vloerbedekking van de kamer werd door een tandeloze bejaarde in Mao jasje hartsochtelijk uitgeveegd. Het had geen enkele zin dus stuurde ik hem weg met een fooi. Enige verrassing was de dubbele deur die ik openwierp en het minibalkon – dat ik nooit van mijn leven zou durven betreden – bleek dichter bij de Corniche dan ik dacht. De duisternis werd verdreven door de zon en een frisse zucht Middellandse zee waaide de kamer schoon. Tijd om de stad te verkennen.

Categories: Gadgets

Alexander de Grote

(deel 2)

Binnenkort op het witte doek te doek zien. Colin Farrell neemt de rol van de naamgever van deze stad op zich. Alexander de Grote veroverde op zijn 32e een van de grootste wereldrijken ooit en stierf snel daarna een mysterieuze en eenzame dood in Babylon, waar overigens ook een wereldwonder stond: de hangende tuinen. Het bijzondere is dat deze film geproduceerd wordt door Oliver Stone, die met zijn voorgaande films Killing Fields, Platoon, JFK, Nixon, the Doors, etc. hopen stof deed opwaaien. De verwachting is, net als Troy, Gladiator en Koning Arthur, een spektakel film van de bovenste plank met onder meer Val Kilmer, Anthony Hopkins en Angelina Jovie. Tot zover deze mededeling… en nu terug naar mijn verhaal.

Alxandrie werd gesticht door Alexander de Grote in de 3e eeuw voor Christus. De grote veroveraar zou de stad echter zelf nooit zien, maar er slechts als mummie ingereden worden. Ergens in de nabijheid van Hotel Crillon zou dus de verloren tombe van Alexander te vinden moeten zijn. Het is zeker dat de tombe ooit bestond. Een bezoekend Romeins keizer in de eerste eeuw kroonde de mummie uit eerbetoon alsnog met een gouden kroon.

Tot nu toe is er geen spoor van Alex teruggevonden, hoewel zo nu en dan berichten in het lokale nieuws komen dat er een graftombe gevonden is die wel eens de juiste zou kunnen zijn. Het is waarschijnlijker dat een van de duizenden flatgebouwen aan de Corniche de keizerlijke mummie met gouden kroon en al geplet heeft. Speculerende aannemers vrezen archeologen die met lepels en kwasten hun stukje bouwgrond in een toverslag tot waardeloze lap verklaren. Aannemers gaan liever te werk met shovel en heimachines om elke klassieke vondst in net zo’n toverslag in gruis en puin te veranderen voordat ze ontdekt wordt door de oudheidkundige dienst.

Na de tombe werd de legendarische vuurtoren gebouwd op de plek waar nu een fort staat. In de 14e eeuw stortte de Pharos in na een aardbeving en delen ervan zijn verwerkt in het fort van een latere Pascha. Het derde bekende, hoewel ook al verdwenen monument, was de bibliotheek van Alexandrie. Iedereen die de stad inkwam met een boek was er zeker van dat het gekopieerd werd en kreeg niet het origineel, maar het verse kopie terug. De laatste dynastie der Pharao’s leende boeken uit alle hoeken van het Grieks-Romeinse rijk om vervolgens de levering nooit meer terug te geven. Zo ontstond de grootste bieb van de oudheid met alle verzamelde kennis, om vervolgens door ofwel Ceasar, de Christenen of de Moslems in de fik gestoken te worden.

Twee jaar geleden opende president Mubarak in bijzijn van een aantal staatshoofden de imposante nieuwe bibliotheek die ten doel heeft de Arabieren hun verloren kennis terug te geven onder het motto: ‘Ere aan het verleden, viering van het heden en de ontdekking van de toekomst.’ Dit prestige project kent zijn weerga niet en het gebouw is een fraai staaltje architectuur waarbij kosten noch moeite gespaard zijn. De leeszaal, en ik heb het zelf geconstateerd, zou de grootste ter wereld zijn. Ik geloof het graag. Het aantal boeken valt dan ook nog een beetje tegen, maar de regering koopt grif in en zo zag ik in het bijbehorende museum van zeldzame manuscripten bijvoorbeeld een Nederlandse vertaling van de Koran uit 1657.

Ik overwoog een lidmaatschap, maar ontdekte dat deze bibliotheek geen boeken uitleent… ‘Why borrow books? Je kunt ze hier lezen’. Zei de dame aan de infobalie verontwaardigd. ‘We hebben nota bene de grootste leeszaal ter wereld!’. En de leeszaal zat dan ook vol… Egyptenaren, en eigenlijk alle Arabieren, lezen vrijwel geen boeken, op een na dan, en die proberen ze bij voorkeur woordelijk uit het hoofd te leren. Het leverde een monotoon geroezemoes op in de grote leeszaal.

Categories: Gadgets

The rise and fall…

(deel 3)

Toen Napoleon in 1798 met zijn leger van 50.000 soldaten Egypte binnenviel, was Alexandrie het eerste doelwit en na een dag versloeg hij duizenden Mameluken, terwijl het Franse leger slechts 15 doden betreurde. De stad was toen al zodanig in verval dat er bijna niks meer van de oude glorie terug te vinden was. De twee beroemde obelisken, die er ooit door een Romeinse keizer waren geplaatst, werden in de 19e eeuw door Mohammed Ali (niet de bokser, maar de grondlegger van de laatste koninklijke familie van Egypte) geschonken aan New York (nu te zien in Central Park) en Parijs (Place de la Concorde).

De enig overgebleven pilaar is een 30 meter hoge Dorische zuil, die ergens op een heuvel in een van de sloppenwijken staat. Het was het bezoek nauwelijks waard. Het meest amusante was een drietal kop aan voet liggende politie-agenten, die precies in de schaduw lagen met als enige activiteit het meebewegen van de zon, tot grote hilariteit van een groep fotograferende en gniffelende Japanners.

Eind 19e eeuw vestigden zich hier duizenden Europeanen van Franse, italiaanse, Griekse en Britse afkomst. De stad bloeide op en werd wereldberoemd om haar handel en rijkdom. Mooie pleinen, imposante koloniale gebouwen, brede lanen en boulevards. Het verdween allemaal met de revolutie van 1952. Alle Europeanen werden weggejaagd en sinds die tijd explodeerde de populatie en ontstond de 25 kilometer lange Corniche, overbevolkt met de muur van flats en een strand dat schuilgaat onder honderdduizenden parasollen met een veelvoud van er onder uitstekende armen en benen.

De oude stad is in ernstig verval en hoop op betere tijden lijkt er niet. Hier en daar zijn nog overgebleven koffiehuizen met Griekse of Franse namen waar de tijd heeft stilgestaan. Een handvol bars uit de zeemanstijd inclusief nautische artefacten aan de muren, maar ook de zeelui zijn verdwenen. De ruime koloniale gebouwen zijn overbevolkt door de straatarme bevolking, wat ouder was, is al ingestort. Af en toe zie je een prestige project, zoals de nieuwe bieb, een superhotel met privestrand en het laatste plan ligt al op de tekentafel: het eerste onderwatermuseum ter wereld. Dan kun je in een soort glazen gangenstelsel door het oude paleis van Cleopatra lopen, dat sinds kort door onderwaterarcheologen op de bodem van de haven wordt blootgelegd. Wat vlaggen op de modderschuit zullen we maar zeggen.

Al met al is en blijft het een wonderlijke stad van indrukwekkende omvang en bruisend tot in de verste uithoek. Elke straat is voorzien van meerdere theehuizen vol sisha rokende Alexandrijnen en de Cornich overstroomt dagelijks door paraderende Cairezen die puntzakjes boterbonen en op houtskool gebakken maiskolven kopen bij de talloze straatventers.

En dan nu de plot. In een van ouderwetse geel-zwarte taxi’s die door de straten toeren, reed ik door een wirwar van straatjes naar het eethuis van Mohammed Hossni, een door een collega aangeraden restaurant dat bekend stond als het beste eethuis van Alexandrie. Nou, ik weet niet wat goed is, maar dit was wel een zeer armlastige wijk waar ik liever niet uitstapte. De taxichauffeurs spreken geen van allen iets anders dan Arabisch en ook deze niet. Wel rijden ze op spektakulaire wijze langs trams, brommers en ontwijken openliggende putdeksels of nemen zo hier en daar even een stuk stoep of kledingstal mee.

Bij Hossni aangekomen stapte ik uit en na vertrek van de taxi keek ik eerst of ik al mijn waardevolle bezittingen wel goed in mijn rugzak had verstopt. Mijn camera… ik had mijn camera in de taxi laten liggen! Even later zat ik aan de thee met uitbater Hossni zelf. (Holland? Ik heb in Den Haag gewoond! Of ik het nummer van de taxi had? Nee? Finito! Die zie je nooit meer…). Hoewel ik geen trek meer had, gaf Hossni me uit medelijden een broodje shoarma mee, voor het geval ik plots toch trek zou krijgen. Ik liet mijn nummer achter voor het geval de taxichauffeur een vrome danwel berouwvolle gelovige zou zijn… Helaas, ik ben niet meer gebeld.

En zo kwam ik vanmiddag weer terug in Port Said. En voordat ik dit hele stuk ging zitten tikken gebeurde het ongelooflijke van dit laatste verhaal. Er werd aangebeld, ik doe open en wat denk je? Staat die sukkel van de receptie voor de deur en overhandigd mij een enveloppe uit Spanje! De USB kabel! Ik had er tien keer om gevraagd maar nu had hij hem gevonden onder de balie. Is mijn camera gejat, krijg ik die kabel ineens. Nou doei hoor, voorlopig zullen jullie het zonder foto’s moeten doen!

Vermist…

Categories: Gadgets

De terminal in aanbouw (2) in plaatjes

Foto vanuit het toekomstig kantoor dat de terminal overziet. Op de achtergrond de kade met daarop de RTG’s (Rubber Tyred Gantry, kranen op wielen zogezegd…)

Ook de toekomstige klant houd de veerpont (rechtsonder) nog wel eens tegen. Deze is meer dan 300 meter lang en dus een stuk groter dan het vliegdekschip hier ergens onderaan geplaatst.

Inspectie van het kantoor met de bazen die alvast hun toekomstige kantoortjes uitpassen (en eventueel aanpassen).

En hier dan de twee welbekende Noell kranen aan de kade. De stroomkabel moet nog ingeplugd worden en eind deze maand komt nummer drie. Op de voorgrond moet nog wat betegeld worden en 1 oktober starten is dus geen enkel probleem (!?)

Een RTG in volle actie, uitgerust met twinlift spreader (Bromma) kan deze kraan 45 ton tillen.

Het tanken van de 33 terminal Tractors.

En nu een echt interessant uitzicht, de dagelijks zonsondergang zoals die te zien is vanaf mijn balkon, de BBQ heeft hier al gebrand en Bob Marley is momenteel mijn favoriete achtergrond muziek, tot de imam het genoeg vind en zijn eigen lied schalt, maar dan is de zon toch al onder…

Categories: Gadgets

Een geleende USB kabel

Kijk, zelf heb ik nog geen eigen USB-kabel, maar ineens zag ik iemand op de terminal lopen met nagenoeg dezelfde camera als ik, dus was er even de gelegenheid om wat foto’s op de eerste de beste PC te zetten. Ik heb nu weinig zin om alle logs aan te passen, dus komen hier wat foto’s met de beloofde uitleg.


en dit is nu een terminal tractor met een gooseneck…


en een dieplader die alleen maar meegesleept kan worden met bovenstaande combinatie

Hmmm, de foto’s lijken wat groot uit te vallen, maar ja, dat zoek ik later wel uit hoe dat komt, dan maar gelijk de Asian Sun plaatsen waar al deze apparaten uitgekomen zijn…

Hieronder een reachstacker in actie, al zijn het nog lege containers waarmee geoefend wordt, het apparaat kan 45 ton hijsen…

Er passeert nog wel wat door het Suez Canal, hier een illegale foto van een vliegdekschip dat eergisteren begeleid door fregatten passeerde. Onderzeeers gaan vooraf en komen soms boven even buiten het kanaal. De ferry ligt helemaal stil en alle bruggen worden afgesloten tijdens de passage. Helikopters begeleiden elk militair konvooi of marineschip. Overigens hebben alle landen ter wereld recht om hun marineschepen te laten passeren, voer voor geheime diensten aan de oever van het kanaal, en ook voor een verdwaalde zeekadet natuurlijk…

Categories: Gadgets

Pakjesavond

Afgelopen week werden dan uiteindelijk mijn spullen aangeleverd. In totaal zijn de twee flinke kisten vanaf 6 mei onderweg geweest en arriveerden op 12 juni in Port Said om vervolgens voor een maand in hechtenis genomen te worden door een douane depot in Cairo. Het grote wachten was op mijn verblijfsvergunning, werkvergunning en visa en dat is in deze bureaucratie geen eenvoudige taak. Gelukking hoefde ik geen inburgeringscursus te volgen.

Het eindigde in een soort van pakjesavond, want ik was al zo ongeveer vergeten wat er allemaal in de kisten zat. Ik woon in een appartement op de 4e verdieping en dus moesten de verhuizers 8 trappen per keer lopen en dat in een dikke 38 graden boven nul in de brandende zon met een onwaarschijnlijke luchtvochtigheid. Toen de dozen met boeken aan de beurt waren kropen de drie verhuizers zo’n beetje naar binnen, een soort van vochtige streep van zweet en tranen achter zich latend op de trappen.

De koelkast met flessen water (ik consumeer zo’n beetje twee dozen per week, afgezien van af en toe een biertje…) werden vacuum getrokken door de heren en dus was een fooitje wel op zijn plaats. Alles werd keurig in elkaar gezet (boekenkast, tuinset, tafel, etc.) en eindelijk kreeg mijn huis weer een beetje fleur van alle kado’s die ik de laatste weken voor vertrek kreeg.

De tekening van de terminal Rotterdam en de groepsfoto van de bargeploegmannen kwamen weer uit de dozen evenals de passepartout van 20 jaar fotoherinneringen aan de zeekadetten, familiefoto’s en de EO pet, drie blikken erwtensoep inclusief de oranje unox wintermuts van 3 jaar nieuwjaarsduiken (mijn duik vind dit jaar plaats op 1 januari in water van 20 graden en een zonnetje, ik zal de foto’s plaatsen hier!), een fles Vlaardingse Schelvispekel en een kruik Hoekse kruidenbitter (die mijn vader tegen alle verhuizersadviezen en douanedreigementen gewoon tussen de handdoeken gepropt had, en dus bedankt pa! En bedankt gulle gevers Bas en naar ik vermoed ouwe Dirk Ham en aanhang uit de Hoek).

Verder een pot calve pindakaas, een set De Ruiter hagelsslagen van diverse kleuren, en de ietwat te laat gekomen Oranje sloffen in de vorm van klompen, oranje mok en oranje puzzel die wellicht in 2006 nog van pas zullen komen, een dartbord met pijlen (bedankt spil 2, ik zoek nog een geschikte plek in dit huis) En wat al niet meer. In ieder geval at ik die avond instant boerenkool met rookworst al liep het zweet over mijn rug, het was smaakvol.

De fiets is gemonteerd en inmiddels trap ik met flinke vaart tussen de auto’s die bij lange na deze snelheid niet halen over de straten van Port Said (ik heb dan ook 24 versnellingen), en met de wereldontvanger kan ik ondanks een hoop geruis de tour de france volgen. Een nieuw geluid in dit rumoerige vakantiedorp is de gitaar die ik voor het eerst sinds jaren weer eens uitprobeer en wel op het balkon. Al met al ben ik nu voorzien van heel wat meer gemakken en nu nog alles op de juiste plek zetten en hangen. Dus allemaal bedankt voor de kado’s, het is met veel plezier ontvangen.

Categories: Gadgets

Blog at WordPress.com.