Posts Tagged With: Manila

Corregidor Island – Een Held, een Hippie en de Eer van de Samoerai: Onoda’s lange Oorlog

De skyline van Manila wordt snel kleiner. Ik ben aan boord van een ferry die als een opgevoerde tractor de baai doorploegt. Bestemming: Corrigedor Island, het voormalig fort eiland van de Spanjaarden en sinds 1898 de Amerikanen. De beroemde generaal Douglas MacArthur gebruikte het eiland als geallieerd hoofdkwartier in de Tweede Wereldoorlog. De Amerikanen vertraagden de Japanse opmars maandenlang tot ze op 6 mei 1942 de Slag om Corregidor verloren. Nu is het eiland een openlucht museum over de Pacific War. Het heeft een hotel, maar verder woont er niemand. Het is heilige grond voor de Filippijnen en de Amerikanen na hun overwinning op de Japanners. Aan de Spanjaarden, die er meer dan drie eeuwen de wacht hielden, denkt niemand meer.

Bij aankomst stap ik met J. en de andere passagiers in een wachtende bus. Een vrolijke gids begint uitbundig wetenswaardigheden op te sommen. Ik blijf meteen bij zijn eerste feitje hangen als hij naar het naburige eiland Lubang wijst. “Daar werd in 1974 een Japanse soldaat gevonden die nog in de waan verkeerde dat het oorlog was.”

Zicht op Lubang vanaf Corregidor

Dertig jaar in de jungle…  

Het veroorzaakt een knetterende verbinding tussen een paar geisoleerde hersencellen. Een verre herinnering borrelt op. Als kind zag ik dit op TV. Een oude Japanse soldaat die al jaren een niet bestaande oorlog voert. En hier was het dus gebeurd.

Het verhaal begint in 1970, twee jaar eerder, met de jonge Japanse avonturier, ontdekkingsreiziger en hippie Norio Suzuki. Hij studeert economie maar besluit al gauw iets anders te doen met zijn leven. Hij maakt een wereldreis en als hij terugkeert naar Japan, vindt hij geen rust. Hij wil iets bijzonders doen. Maar wat?

In 1972 leest hij een merkwaardig nieuwsbericht. Twee Japanse keizerlijke soldaten zijn neergeschoten op een Filipijns eiland, nadat ze voedsel stalen en een boerderij in brand staken. Eén is op slag dood, maar de andere, Hiroo Onoda, slaagt er in te ontkomen. De twee hadden in de oorlog deel uitgemaakt van een inlichtingen cel van vier militairen. Een had zich overgegeven in 1949, en in 1954 werd een ander door de lokale politie doodgeschoten.

Suzuki legt de krant terzijde en verkondigt trots aan familie en vrienden dat hij Onoda terug gaat halen naar japan. En dat is niet alles. Daarna zal hij de waarschijnlijk uitgestorven reuzenpanda vinden, om daarna het bestaan van de Verschrikkelijke Sneeuwman te bewijzen.

Wow…  

In 1974 vertrekt hij op zijn 3-traps expeditie. Wat niemand gelukt is, lukt Suzuki in nog geen week tijd. Hij vindt de schuilplaats van de verstokte soldaat, maar ook de loop van zijn geweer. Recht onder zijn neus.

Suzuki laat zich niet zomaar wegjagen. Hij spreekt hem aan in het Japans: “Onoda-san, de keizer en het volk van Japan maken zich zorgen om je.” Later herinnert Onoda zich het voorval nog levendig. “Deze hippiejongen Suzuki kwam naar het eiland om naar de gevoelens van een keizerlijk soldaat te luisteren. Hij vroeg me waarom ik niet terug naar Japan wilde komen. Wel, ik geloofde hem niet. Ik wist zeker dat de oorlog nog gaande was want ik zag regelmatig Amerikaanse bommenwerpers overvliegen.” Maar die bleken actief in andere oorlogen, namelijk de Koreaanse oorlog in de jaren vijftig, en de oorlog in Vietnam in de jaren zestig en zeventig.

Snapshot van Suzuki met Onoda

Onoda weigert zich over te geven. “Ik ben een soldaat en blijf trouw aan mijn plichten.” Onoda stamde uit een Samoerai familie met een sterk eergevoel. Voor vertrek naar het slagveld ontving hij van zijn moeder een dolk om zelfmoord te plegen als hij gevangen werd genomen. Zo ging dat dus in die tijd… Hij bleef waar hij was, maar liet Suzuki toch gaan. Die beloofde terug te komen met bewijs dat de oorlog afgelopen was. 

Suzuki waarschuwt de Japanse ambassadeur, die in Tokyo snel een drietal oude strijdmakkers van Onoda laat optrommelen. Bij de rand van de jungle, waar Suzuki de oude soldaat eerder had ontmoet, zingen de veteranen uit volle borst een aantal strijdliederen. Daarna draaien ze een bandopname af met een smeekbede van Onoda’s inmiddels 86-jarige moeder. „Jongen, kom alsjeblieft thuis nu ik nog leef.”

Maar Onoda blijft in het oerwoud. Hij roept dat alleen zijn officier Taniguchi hem daartoe opdracht kan geven. Deze inmiddels hoogbejaarde majoor wordt opgespoord en gevonden in een stoffige boekhandel. De ex-majoor had inderdaad de toen 21-jarige Onoda, na zijn opleiding op het befaamde Nakano spionageinstituut, met zijn drie inmiddels overleden kameraden naar Lubang gestuurd voor inlichtingen operaties. Taniguchi had ze bevolen hun missie voort te zetten en zich nooit over te geven. Zelfs niet als de Japanse troepen werden verslagen.  

Ook Taniguchi verschijnt met een loudhailer op het strand. Achter hem staat een delegatie waaronder de ambassadeur en een Filipijnse generaal. De oude majoor beveelt Onoda zich te melden bij zijn commandant. Onverwijld! Hiroo hoort het aan vanuit zijn schuilplaats, een tentje van bijeengeraapte rommel. Hij inspecteert zijn Arisaka 99 geweer, trekt zijn laarzen aan en steekt zijn katana aan zijn zijde. In een gescheurd en tot de draad versleten militair tenue marcheert Onoda het strand op en meldt zich af bij zijn meerdere. De majoor maakt aan alle twijfel een einde en neemt zijn geweer in beslag.

De Japanse ambassadeur deelt hem mee dat de oorlog ‘al enige tijd’ ten einde is. In Manilla overhandigt Onoda op plechtige wijze zijn katana zwaard aan President Marcos, die hem toefluistert dat hij hem gratie verleend. De bewoners van Lubang zijn niet gelukkig met deze gang van zaken. De vier Japanse soldaten hebben over de jaren meer dan 30 eilandgenoten gedood. In vredestijd nota bene. Marcos wuift dat weg – de Japans-Filipijnse samenwerking heeft prioriteit – en verleent pardon. De president gaat op de foto met een broederlijke arm over de schouders van Onoda. In Japan stijgt de populariteit van beide heren ongekend.

In Tokyo wordt hij als een oorlogsheld binnengehaald door duizenden landgenoten. Maar het komt niet meer goed tussen Japan en Onoda. Zijn land is veranderd. Hij voelt zich als een beest in de dierentuin. Overal wordt hij aangestaard, aangesproken en soms zelfs uitgelachen. Van een tropisch oerwoud was hij terecht gekomen in een jungle van koud asfalt. Binnen een jaar vertrekt hij naar Brazilië, ondanks dat hij tientallen huwelijksaanzoeken ontvangt.

“Japanners vonden me egoïstisch. Meer dan dertig jaar had ik mijn land gediend, maar sinds 1945 nooit enig salaris of een nabetaling van m’n regering gekregen. Ik had geen geld, geen werk, geen inkomen.” Binnen vijf jaar stampt Onoda een boerderij met vierhonderd koeien uit de Braziliaanse klei. Het klimaat is vergelijkbaar met dat van de Filippijnen. Hier voelt hij zich thuis. Onoda sterft in 2014, op 92-jarige leeftijd, tijdens een bezoek aan Japan. Dat wel.

Maar hoe liep het af met Suzuki?

Nadat hij Onoda had gevonden, ging hij op zijn volgende missie. In een verlaten berggebied in China vindt hij inderdaad de nagenoeg uitgestorven reuzepanda. Maar dat hadden de Chinezen zelf ook al gedaan. Toch streept hij die tevreden van zijn bucketlist. Hij beschouwt het als een opwarmer voor het echte werk: het vinden van de Verschrikkelijke Sneeuwman.

In juli 1975 beweert hij de legendarische yeti van een afstand gezien te hebben tijdens een expeditie in het Dhaulagiri- gebergte. Dan blijft het lange tijd stil. In 1987 komt hij weer in het nieuws. Zijn lichaam is gevonden op een berghelling in de Himalaya. Hij is bedolven onder een lawine tijdens een van zijn vele zoektochten…

De bus arriveert op de verlaten Amerikaanse legerbasis in het centrum van het eiland, waar een handvol vreemde verhalen mij opwachten.

Generaal Douglas MacArthur’s beroemde woorden:
I Shall Return

Categories: Gadgets | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Taxi Manilla

Taxi of Jeepney?

Taxi of Jeepney?

Tientallen taxi’s zoeven voorbij over Kalaw street, maar geen enkele taxi lijkt vrij. Het is niet gemakkelijk in Manilla een taxi te scoren tijdens de avondspits. Ik krijg bijna kramp in mijn schouder van het zwaaien als er een taxi stopt. Ik stap in maar de chauffeur rijd niet weg. ‘Where to?’

‘Makati,’ antwoord ik.  ‘Sorry too far sir, I can’t go there.’

De aanhouder wint ditmaal niet en even later sta ik weer op straat. Het duurt even voor een tweede taxi stopt, ik spreek de chauffeur eerst maar door het zijraam aan.

‘Makati?’ lacht de chauffeur. ‘Too much traffic, sir, dat duurt me te lang.’

Met een Jeepney weet ik niet hoe daar te komen. Een derde taxi stopt na een poosje wachten. Ik neem gelijk het initiatief.

‘Ik weet dat het ver is en dat het druk is, Kuya, maar ik betaal je goed hoor. Zet je meter maar vast uit dan maken we een prijs,’ zeg ik met mijn portemonnee in mijn hand. ‘Ik moet naar Makati.’

De taxi chauffeur kijkt me nonchalant aan.

‘Makati?, vraagt hij met opgetrokken wenkbrauwen. ‘Man, daar heb ik even helemaal geen zin in.’

Verbaasd blijf ik achter. Vanavond blijf ik maar gewoon thuis, om een blog te schrijven ofzo…

images

 

Categories: Observaties, Reizen, Steden | Tags: , , , , , , ,

De Koe van Manilla

Ik zit in een taxi met drie aangeschoten Hollanders die ik amper een uur geleden heb leren kennen. Een bakker uit Stampersgat, een dame van de ambassade, en de enige wiens naam die ik onthouden heb; Bert, beroep onbekend. We rijden door Old Manilla, over de Del Pillar street. We zijn op zoek naar een cafe van een Hollander. Als herkenningspunt zou er een koe voor de deur moeten staan. Niemand is er ooit binnen geweest, maar iedereen heeft er van gehoord.

‘Het moet in deze straat zijn’, zegt Bert terwijl hij met kleine oogjes naar de langsschietende kroegen, bordelen en nachtwinkeltjes staart, ‘dat hoorde ik daarnet nog op de Dutch club. De KLM crew drinkt er ook altijd een biertje,’ voegt hij er aan toe. De bakker praat over de vele vakanties die hij samen met zijn vrouw naar de Filipijnen maakte voordat ze zich hier permanent vestigden. ‘…en toen reden we door deze straat en zag ik opeens een koe op de stoep,’ zegt hij hoopvol. ‘Geen echte hoor, van plastic denk ik.’

Niemand weet de naam van de kroeg. De dame van de ambassade spoort de chauffeur aan nog maar een keer te stoppen op een hoek van de straat. waar een groep Filipino’s staat. ‘Ask them about the cow!’ De chauffeur kijkt verbouwereerd en als hij ernaar vraagt lachen ze. Sommigen wijzen ergens heen, maar elk in een andere richting.

Ik ben de enige die in dit deel van de stad woont, erger nog, ik woon zelfs aan het begin van deze straat. Maar ik ben nooit helemaal naar het andere eind gelopen want dat is best ver. Ik ben hier dan ook nooit een koe tegengekomen. ‘Misschien omdat die hem overdag’s binnen zet…’ probeer ik, maar niemand antwoord.

De straat is eenrichtingsverkeer en niemand weet van een kroeg met een Hollandse eigenaar. De chauffeur wil niet meer vragen naar een koe. Iedereen kijkt me vragend aan want ik ben de ‘local’ hier. Wat nu?

Ingang Hobbit House

Ingang Hobbit House

‘Ik weet nog een kroeg met dwergen in deze straat,’ zeg ik. Dit kan de goedkeuring wegdragen. Even later lopen we door een enorme ronde deur van De Hobbit. Een lilliputter rinkelt een belletje en heet ons welkom. Even later worden pullen bier door heel kleine mensen op onze tafel geschoven. Het gezelschap is tevreden. Met zo’n verhaal kun je ook thuiskomen.

Meet the Hobbits

Meet the Hobbits

Categories: Flashback, Observaties, Ontdekkingen, Reizen, Steden | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , ,

De Jeepney

New York heeft het Vrijheidsbeeld, Parijs de Eiffeltoren en Rotterdam de Euromast. Wereldberoemde steden hebben zo hun eigen iconen. Maar wat heeft Manilla? Ik wandel door de drukke straten van downtown Manilla en dan opeens zie ik het. Het symbool van Manilla is geen beeld of een toren. Het is de Jeepney, het karakteristieke vervoermiddel waar elke dag miljoenen Filipijnen zich door laten vervoeren.

Jeepney

Jeepney

Van de krottenwijk Tondo, tot de wolkenkrabbers in zakenwijk Makati, ze rijden overal. De Jeepney twee lange banken inlengterichting en een open achterzijde die als in- en uitgang dient. Ik spring in de eerste die voorbijkomt. Iedereen zit heug aan meug en ik wring me tussen de reizigers. De banken zijn laag, dus mijn knieën steken wat ongemakkelijk omhoog.

Ik geef tien pesos (15 cent) door aan de dame naast mij, die het op haar beurt weer doorgeeft tot het geld de chauffeur bereikt. Die zit aan het stuur met waaiers bankbiljetten tussen zijn vingers die over de rug van zijn hand flapperen. ‘Aardige vol,’ mompel ik tegen de dame.

‘Als het niet past, is het geen Jeepney, sir’, antwoord ze lachend.

Jeepney chauffeurs zijn berucht want ze rijden uitermate wild en luid toeterend over de weg. Overstekende mensen springen uit de weg als kippen op een erf. Personenauto’s houden veilige afstand om krassen of erger te voorkomen. Brommers proberen uit de rokende walmen van de uitlaat te blijven.

Jeepney

De Jeepney is een overblijfsel van de Amerikanen die na de oorlog het land verlieten en duizenden oude jeeps achterlieten. De Filippino’s gebruikten ze voor openbaar vervoer en na vijftig jaar is het typische jeepachtige uiterlijk nog steeds zichtbaar. Trotse eigenaars geven hun Jeepneys namen, dossen de buitenkant op met chromen platen en slogans en bestemmingen.

Ik kijk uit het open raam en besef dat ik helemaal geen idee heb van waar ik naar toe rij. Ik vraag het maar krijg een antwoord waar ik niet veel mee kan: ‘San Andreas via Padre Freiro’. Daarom zie je maar weinig toeristen in Jeepneys, want niemand begrijpt het systeem.

Ik wil eruit, maar hoe stop ik de Jeepney? De dame naast me ziet wat ik wil en tikt met haar ring een paar keer hard tegen het plafond. ‘Sa tabi lang po’ (stoppen alstublieft) roept ze. De Jeepney stopt abrupt en blokkeert al het verkeer. Ik spring er uit en wandel verder.

IMG_6631

Categories: Ontdekkingen, Steden | Tags: , , , , , , ,

Zelfportret in een ijzeren bol

Zelfportret in een ijzeren bol

de paaltjes die de drukke weg van het Rizal Park in Manila scheidden hebben ijzeren bollen bovenop. Fotografie is leuk als je ‘het’ ineens ziet en klik klik klik je zet het erop.

Snapseed app doet de rest (helderheid, contract, scherpte aanpassen, en dan een dosis ‘drama’ eroverheen.

Categories: Fotografie, Observaties, Reizen, Standbeelden, Steden | Tags: , , , ,

Biggest Baddest Bucket list – My Destination is Manila

Vandaag werden de tien genomineerde winnaars voor de BBB bekend en helaas, ik zit er niet bij. Dus daar gaat mijn weekje London voor de eindstrijd en de hoofdprijs zelf (Een reis over de wereld, 25 landen binnen 6 maanden, en een buidel van Vijftig Duizend Dollar als je die taak goed volbrengt…

Voor degenen die het helemaal gemist hebben hier nog mijn promotiefilmpje voor Manila!

https://www.youtube.com/watch?v=nodeySw2YXE

Subject: Biggest, Baddest, Bucket List – The Finalists

Hi there Tet, It’s been a long old journey, but we got there in the end. Although our initial decision was to send all of you around the world, we were informed that we weren’t actually allowed to do that. Therefore, we are sorry to say that you are not one of the Top 10 Finalists in the Biggest, Baddest Bucket List.

We appreciate the time, effort, heart and soul you put into creating your entry for the competition and we want to thank you so very, very much for taking part in the first place. We really couldn’t have made this campaign what it has become without you.

Seriously. There were over 1,550 entries from more than 640 destinations around the world and we worked day and night to try and get our huge list of superstars down to just ten candidates. We read every travel tale, watched every piece of footage submitted and gazed longingly at each and every photograph.

We very much enjoyed your video, showing us your beloved Manila! We loved how well you interacted with the locals and showed us the many exciting facets of a destination you are clearly passionate about. We can’t believe that was a pineapple either, we hope it tasted as good as it looked. It is quite obvious the amount of effort and thought you put in.

We hope you’ve enjoyed participating in the competition, and we very much hope you will continue to follow it as the next stage unfolds…it is far from over yet! And you never know, the overall winner could be visiting a destination near you soon, and there’s a rumour going round that we’ll be looking for local guides to help us find the best possible places to visit, so do keep an eye out onwww.mydestination.com/bbb.

In addition, we will continue showcasing the amazing content you have created across our social channels and on our competition site. The network of travel-mad and very talented individuals this competition has allowed us to connect with can only get bigger and better over time, and we would love to keep the #MyBBB community thriving. Please do not ever hesitate to come and talk to us on Twitter or Facebook, or drop us a message if you fancy! We’re always willing to talk travel 🙂 From all of us here at My Destination… THANK YOU!

Categories: Ontdekkingen, Reizen, Smakelijk eten!, Steden | Tags: , , , , , , , , , ,

Naamgever van de Filipijnen en moordenaar van Willem de Zwijger

Op een 30 minuten wandelen van mijn woonstee, ligt de ommuurde stad Intramuros (binnen de muren) ofwel het oudste gedeelte van Manila. Het is de vestingstad van de Spanjaarden en ergens aan het einde van de 16e eeuw gebouwd. Hoewel het de Portugees Magelaen was die de archipel ontdekte op zijn tocht rond de wereld waren het toch de Spanjaarden die hier de diepste wortels schoten op deze eilanden in het verre oosten.

Even een voetnootje – hoewel Magelaen de geschiedenisboeken is ingegaan als de eerste die rondom de wereldbol zeilde, moet ik toch even vermelden dat deze ontdekkingsreiziger zelf halverwege op een strand van een Filipijns eiland in de branding bleef liggen met een paar bamboe speren in zijn bast. Maar daarover een andere keer meer…

De meneer van het standbeeld met die omgekeerde emmer op zijn kop is overigens de naamgever van de Filipijnen. Koning Philip II van Spanje, de zoon van de Koning van Spanje uit ons volkslied, het Katholieke monster dat hele bevolkingen decimeerde uit naam van god, en die overigens ook BalthasarImage Geraerts naar Delft stuurde om onze prins Wilhelmus (van ons volkslied) neer te schieten op de trap van het prinsenhof.

Nou, voor die vijand van De Nederlanden is hier dus in Intramuros, Manila, een standbeeld opgericht! Hij staat wat symbolisch naast een wereldbol (heerser over een rijk waar de zon niet ondergaat, of een koning groter dan onze wereld…?) en een rol papier in zijn hand (een vrijbrief van god? een hoofdstuk uit de bijbel? een boodschappenlijstje?). Vandaag de dag kijkt Flip de Tweede uit op het Ministerie van Immigratie, waar ik een verlenging van mijn visa moest aanvragen.

Hij kan blijven staan waar die staat, met of zonder visa. Toch vreemd dat de Filipijnen deze man, die aan de voet stond van drie eeuwen uitpersing en slavernij, een standbeeld hebben gegeven. Ik moet daar toch eens het fijne van weten.

Categories: Observaties, Ontdekkingen, Standbeelden | Tags: , , , , , , , , , ,

Oranjefeesten in Manila

De Oranjefeesten in Manila zijn voorbij, en ik denk dat ik ze allemaal (2?) heb bijgewoond. De eerste was in de tuin van de residentie van de Nederlandse ambassadeur en uitermate geslaagd, want naast het volkslied was er bier, sushi, verse haring en bitterballen.

Door een massaal volgestroomde tuin kwamen de schalen met snacks voorbij. De bitterballen waren uitermate populair en kwamen vaak niet verder dan 5 meter van de keuken waar schaamteloze landgenoten (en ik) demonstreerden hoe een graai cultuur er in Holland uitziet.

Twee dagen later was er de informele versie van Q-Day in Wack-Wack Village, thema Smartlappen. Ook hier waren zelfgemaakte bitterballen en zelfs kroketten maar ditmaal voldoende voor iedereen.

Geweldig feest, lekker gezongen, aan drank geen gebrek en vooral ook lachen, ofwel even ouderwets uit je dak gaan. De nacht van Oranje was zeer geslaagd in Manila en iedereen is opgewarmd voor de Europese kampioenschappen volgende maand.

Categories: Reizen, Smakelijk eten! | Tags: , , , , , , ,

Luchthavens of Vluchthavens?

Afgelopen week werd Schiphol uitgeroepen tot beste luchthaven van Europa. In Januari was ik daar nog en maakte gebruik van een toilet. Ik zag daar een welgestelde heer op zijn koffer in de hoek zitten met een notitieboekje. Ik denk nu dat dat zo’n inspecteur was voor de beste, grootste, vriendelijkste en anderszins verkiezingen van het jaar.

Eind 2011 vloog ik van het beste vliegveld van de wereld naar het slechtste vliegveld ter wereld van dat jaar. Van Singapore naar Manila dus. Ik weet niet waar de inspecteurs naar kijken, maar ik was helemaal niet onder de indruk van Singapore’s vliegveld, en in Manila pakte ik gewoon mijn reistas van de lopende band  en verliet zonder enig ongenoegen de aankomsthal. Nu kan iedere organisatie wel een verkiezing uitschrijven – en dat doen ze dan ook.  Dus waarom ik niet?

Ik heb namelijk ontdekt dat de mate van chaos op een nationale luchthaven de directe weerspiegeling is van de situatie in de rest van het land. En ik heb dat onlangs kunnen ondervinden op de Slechtste Luchthaven van 2011 (volgens dit Voetnoot blog), namelijk Queen Alia International Airport in Amman (Jordanië).

Ik zal het kort houden. Ik was er drie jaar eerder geweest en bij aankomst viel het me direct op dat het twee keer zo druk was en er nog steeds helemaal niets was veranderd aan het verouderde en onlogische immigratie systeem. Namelijk – eerst een visa kopen daarachter kun je geld wisselen  – dan door de immigratie (waar de helft ontdekt dat ze geen formulier hebben ingevuld) – en dat allemaal in een verkeerde volgorde geplaatst. De aankomst hal staat vol met niet Engels sprekende officials in uniform die heel druk met elkaar bezig zijn en verwarde reizigers vermijden. De loketten zijn onderbemand met onkundige klerken en niet werkende computers. Niemand heeft de leiding, zeker geen uniformen met teveel strepen en medailles.

Ik had een aansluitende vlucht van Amman naar Aqaba en na een aantal officials om raad gevraagd thé hebben, moest ik concluderen dat ik waarschijnlijk de eerste passagier op doortocht ooit was. De rij waarin ik stond had in anderhalf uur slechts drie stapjes voortbewogen, dus besloot ik tot een botte maatregel; namelijk zonder blikken of blozen de hele rij in het volle zicht te omzeilen en mijn paspoort op de balie te plaatsen voor een verontwaardigde Indiër.

“Connecting flight to Aqaba,” zei ik en wees naar iemand in de verte met een hele grote pet met goud op zijn hoofd. “He send me here”.

Vijf stempels verder was ik onderweg naar de volgende vlucht – toch nog op tijd. Deze ervaring gaf mij een goed inzicht in hoe je door dit land beweegt. Een brutaal mens (met een glimlach) heeft half Jordanië in zijn hand. Vooral niet de regels en bordjes volgen, gewoon recht op het probleem af en met een gezellige babbel en het opdreunen van de laatste generatie voetballers, kom je een heel eind.

Categories: Observaties, Reizen | Tags: , , , , , , , , ,

De kleine mensen van Manila

Nu zijn mensen in Manila sowieso al een stuk kleiner dan in nederland, maar de kleine mensen (dwergen, lilliputters om nog maar eens wat verouderde termen te gebruiken voor de duidelijkheid) zijn nog kleiner en ook ruim vertegenwoordigd. Vorig jaar tijdens een vakantie in Boracay, het voornaamste vakantie en feest eiland van de Archipel, bezocht ik het Hobbit House, een restaurant waar al het bedienend personeel niet meer dan drie turven hoog is.

Later toen ik mijn appartement in Manila betrok, bleek ik slechts een steenworp van de oudste Hobbit House te wonen. Het menu is er prima en mijn favoriet is de steak met patat en een soep. Goed maar niet echt bijzonder, de meeste gerechten komen ergens in de middenmoot. De echte attractie zijn natuurlijk de obers, de live-muziek (elke avond) en… de enorme keuze aan verschillende soorten bier.

Er zijn er honderden uit vele landen van de wereld, de Nederlandse bieren zijn niet veel bijzonders, maar de Belgische pinten komen in veelvoud en zijn bijzonder goed (Kriek, Duvel, Leffe, Hoegaarden en diverse abdijbieren).  En het blijft aandoenlijk als een van die kleine vrienden zo’n enorme pint boven zijn hoofd tilt en op je tafel schuift.

Je kunt je natuurlijk afvragen, is dat moreel wel verantwoord. Nou, ik vind het prima, want dit is een buitenkans voor hen die normaal gesproken geen enkele baan kunnen vinden. So what? De plannen van de Hobbits zijn inmiddels veel grootser, ze willen een eigen stadje bouwen een stuk buiten de hoofdstad van het eilandenrijk getuige het volgende filmpje dat ik vandaag voorbij zag komen.

Categories: Observaties, Reizen | Tags: , , , , , , , ,

Blog at WordPress.com.